Haarlem is klein genoeg om alles op de fiets te doen en goed genoeg verbonden om zonder auto te leven. Voor wie hier komt wonen, is dat een van de aangenaamste ontdekkingen, want het scheelt een parkeervergunning en een hoop gedoe.
De trein
Station Haarlem ligt aan de noordkant van het centrum en is het knooppunt van de stad. Vanaf hier rijden treinen naar Amsterdam, naar Zandvoort aan Zee, richting Leiden en Den Haag, en naar Alkmaar en Uitgeest. De reis naar Amsterdam Centraal duurt een kwartier, en dat is de reden dat zoveel mensen die in Amsterdam werken hier wonen. Daarnaast heeft Haarlem nog twee kleinere stations, Haarlem Spaarnwoude aan de oostkant en Overveen net over de gemeentegrens in het westen.
Het stationsgebouw
Het station is een monument en het enige stationsgebouw in Nederland dat in jugendstil is uitgevoerd. Het werd aan het begin van de vorige eeuw gebouwd toen het spoor werd verhoogd. De houten wachtkamers, de tegeltableaus en de overkapping zijn de moeite waard, ook als je alleen op de trein staat te wachten. Op deze lijn reed in 1839 de eerste trein van Nederland, tussen Amsterdam en Haarlem.
De bus
Het busnet verbindt de wijken met het station en met het centrum, en er zijn streeklijnen naar Amsterdam, Schiphol, IJmuiden, Zandvoort en de Haarlemmermeer. De belangrijkste knooppunten zijn het station en de haltes rond het centrum. Voor bewoners van Schalkwijk, Delftwijk en de Zuiderpolder is de bus vaak het snelste alternatief voor de fiets, zeker in de winter.
De fiets
- Vanaf vrijwel elke wijk fiets je in een kwartier naar de Grote Markt.
- De stad is vlak en heeft een fijnmazig net van fietspaden en fietsstraten.
- Bij het station zijn grote stallingen, wat forenzen combineren met de trein.
- Naar de duinen fiets je in twintig minuten, naar het strand in ongeveer een half uur.
- Deelfietsen en huurfietsen zijn beschikbaar bij het station en op enkele plekken in de stad.
Reizen met de OV-chip of je bankpas
In trein, bus en metro reis je met een OV-chipkaart of, in het geval van de trein en veel bussen, met je bankpas of telefoon. Bij de bus check je in en uit bij het apparaat in het voertuig, bij de trein bij de palen op het perron of in de hal. Vergeet niet uit te checken, want een vergeten check-out kost geld en dat terugvragen is omslachtig.
Naar Schiphol
Vanaf Haarlem rijdt een directe bus naar Schiphol, en met de trein reis je met een overstap. Voor bewoners is dat een van de praktische voordelen van deze ligging, want je zit binnen een half uur op de luchthaven zonder de auto te hoeven pakken.
Beperkte mobiliteit
Voor inwoners die niet zelfstandig met het reguliere openbaar vervoer kunnen reizen, bestaat regionaal vervoer op maat, aan te vragen via de gemeente. Ook de stations en de meeste bussen zijn toegankelijk, al is dat bij oude perrons en in de smalle straten van de binnenstad niet overal ideaal.
De auto blijft vaak staan
Wie in Haarlem woont en in Haarlem werkt, gebruikt de auto meestal alleen voor grote boodschappen en voor uitstapjes. De binnenstad is voor een groot deel autovrij, parkeren is gereguleerd en duur, en de fiets is bijna altijd sneller. Voor huishoudens die twijfelen over een tweede auto is een deelauto in deze stad vaak de betere rekensom.
Fietsparkeren bij het station
Bij station Haarlem staan grote stallingen, waarvan een deel bewaakt is. In de spits kunnen ze vollopen, en fietsen die buiten de rekken staan worden weggehaald. Zet je fiets dus in een rek en gebruik ook hier twee sloten, want de omgeving van het station is de plek waar in Haarlem de meeste fietsen verdwijnen. Voor forenzen die dagelijks reizen, loont een vaste plek in een stalling.
De regiotaxi en aanvullend vervoer
Naast de bus zijn er vormen van aanvullend vervoer voor inwoners die daar via de gemeente of hun zorgverzekering recht op hebben. Ook zijn er in enkele wijken buurtbusachtige initiatieven en vrijwilligersvervoer, vooral gericht op ouderen die naar het ziekenhuis of naar activiteiten moeten.


